Spellen van de Week

Spel van de week van 27 januari— Bob Lodder

Twee vraagstukken

In deze bijdragen wil ik stilstaan bij twee onderwerpen waarvan ik verwacht dat lezers meer expertise hebben dan ik, en die wil ik dan ook nadrukkelijk uitnodigen om te reageren. Het betreft twee basale vragen:

  1. Hoe biedt je verder na een sterke 2 opening?
  2. Hoe maak je een speelplan als er veel snits te nemen zijn en je gewenste vervolg vaak beïnvloed wordt door hoe die uitvallen?

Bieden na sterke 2 opening

Op spel 8 had ik als Oost een prachtige kaart:

Ik telde 9 slagen met schoppen als troef dus ik opende, conform onze afspraken, met een sterke 2. De bieding tussen mij en mijn partner, zonder concurrentie, ging als volgt:

Daarna vond ik het lastig. Ik overwoog 3, maar was bang dat partner dat zou zien als een 5-krt. Bovendien levert schoppen meer punten op in parentelling en is die kleur uitstekend. Ik bood 3 en daar bleef het bij. Onze tegenstanders opperde in de nabespreking dat een bod van 3 forcing is, in hun systeem. Dan hou je nog het probleem, wat moet partner met de Zuidhand dan bieden? 3? 4? 4? Je zou ook kunnen zeggen dat ik gewoon moet hopen op een slag bij partner en gewoon maar 4 moet bieden.

Het probleem zit mij al langer dwars dat er weinig literatuur is over een adequate aanpak na een sterke 2 opening. Alweer een paar jaar geleden heb ik een voorstel gedaan om bridgeboeken te ruilen of uit te lenen aan elkaar. Kees van der Weijden heeft me toen een complete verzameling “Bridge” en “IMP” magazines cadeau gedaan. In IMP van 2001 vond ik een keer een benadering van een Zweedse topspeler Wirgren die het zogenaamde Scania systeem heeft ontwikkeld. Hij hanteert het uitgangspunt dat de partner van de 2 bieder minder te vertellen heeft qua kracht dan de openaar. Het is dus vooral de partner die moet vertellen, en de 2 bieder die moet vragen. Vervolgens heeft hij een systeem waarin die partner zijn distributie weergeeft. Zijn aanpak is wel wat ingewikkeld en mogelijk niet zo makkelijk te onthouden. Een andere, vergelijkbare route is dat de partner direct controles gaat bieden in stapjes. Nadeel is denk ik dat partner dan bijvoorbeeld een major gaat bieden, en vervolgens dat de troefkleur wordt en de sterke hand op tafel komt.

Kortom, wat is een goede aanpak? Veel boeken en artikelen gaan niet veel verder dan het eerste antwoord van partner, dat meestal dan 2 is. Moet het openingsbod van 2 altijd leiden tot een manche? Is een tweede herbieding van de openaar manche forcing? Al zoekende kwam ik wel op een grappig historisch detail. De sterke 2 opening is bedacht door David Bruce, een topspeler uit de Interbellum periode: https://grokipedia.com/page/david_bruce_bridge. Hij speelde heel goed en won ook wedstrijden van Culbertson.

Lezer, Ik ben benieuwd hoe jullie bieden met sterke handen!

Speelplan maken met veel snits

Op spel 18 stuitte ik op een ander probleem.

Ik kwam als Noord in 3SA terecht, net als vele andere paren. De start was bij mij, net als bij veel anderen met Boer. Het eerste wat je moet doen is natuurlijk een speelplan maken. In veel handboeken wordt dit geïllustreerd aan de hand van een spel waarin vanaf slag 1 de route min of meer vastligt. Maar bij dit spel vind ik dit lastiger. Natuurlijk is harten je werkkleur, en ga je de snit op de Vrouw nemen. Maar hoe speel je de klaveren? En welke snit ga je verder nemen? In ruiten of in schoppen? Het verloop van het spel hangt natuurlijk ook af van wie H heeft. Ik vind het ondoenlijk alle mogelijke opties in slag 1 al door te rekenen.

Een belangrijk verschil ontstaat al wanneer je de klaver positie niet goed taxeert. Als de boer de hoogste is van de interne serie, is het leggen van de vrouw in slag 1 of 2 het beste. Als West echter Heer tweede heeft, is het 2 maal kleintje leggen in de dummy het beste. In de gegeven situatie maakt het niet uit, omdat West heer derde heeft. Is het echt de bedoeling dat je direct bij slag 1 alle varianten doordenkt, dus waarbij je zowel 1 of 2 klaver slagen maakt? Of kies je voor het slechtste scenario waarbij de tegenpartij direct 2 slagen maakt in klaveren, en je daarna verder kan met harten? Bedenk je ook al direct in slag 1 wat je gaat bijspelen indien West met hartenvrouw op de proppen komt en vervolgt met schoppen of ruiten? Of doe je dat pas als de situatie zich feitelijk voordoet?

In mijn studie econometrie volgde ik ook college over besliskunde (“operations research”). In dat vakgebied wordt vaak de keuze gemaakt om niet met “crude force” alle mogelijke oplossingen te evalueren, maar wordt vaak gewerkt met kleine stappen (iteraties) waarin je toewerkt naar een (steeds betere) oplossing. Dus ik ben geneigd om hier een vergelijkbare route te nemen. Je moet eerst de klaveren positie oplossen, de rest komt er na. Aan de andere kant, uitgaande van het principe van “assumption play” van Reese kun je ook zeggen dat je het grote plaatje moet zien en vanuit dit perspectief moet terug redeneren naar slag 1. Ook dit is in besliskunde trouwens mogelijk, bij dynamische programmering.

Kortom, ook hier heb ik geen oplossing voor de beste aanpak, en ben ik benieuwd hoe u, lezer van dit stukje, uw speelplan maakt. En dan met name bij dit type spellen waarbij snits het verloop van het spel sterk beïnvloeden.

Leuk als je laat weten wat jouw aanpak is!


Reacties

  • Hans Nijssen
    29-01-2026 17:38
    Met mijn vrouw, een pure recreatiespeelster, ze heeft nog nooit een boekje ingekeken, laat staan een IMP nageslagen, doe ik niet zo moeilijk. Om toch sterke handen uit te bieden passen wij de volgende afspraak toe: heb je een hand met 8 slagen of meer in een nader te bepalen kleur, open dan 2♦️. Daarna biedt partner zijn controles, A=2 en H=1. Met 0 of 1 controle bieden we het daarop volgende bod, dus 2♥️, et cetera. En biedt de TP tussen dan is pas = 0 of 1, dbl = 2, et cetera. Verdient geen schoonheidsprijs maar het is simpel en doeltreffend. Legt ons ook geen windeieren. Afgelopen dinsdag had deze afspraak mij een vracht punten gescheeld. Erik. en ik spelen 2♣️ als MF, zodat na de sequentie, 2♣️ (ik tel 3 losers), 2♦️(0-7HP), 2♠️, 4♠️ eindbod is. Helaas sloeg ik toch nog op hol.
    Beantwoorden
  • Rosalind
    30-01-2026 12:14
    Het begin van het bieden op spel 8 vind ik prima inclusief de aanpak (bijna altijd 2♦, dan 2SA ‘second negative’ = relay, niet per se zwak). Op 2SA zou ik 3♦ bieden; dat moet een vierkaart kunnen zijn. Daarop moet 3♠ van west minstens een doubleton aangeven; met een driekaart zou west waarschijnlijk eerder steunen. Of op 2SA 3♠ nog forcing is moet je afspreken. Ga bij ontstentenis van afspraak maar uit van wel forcing. Een kleurbod (geen 2♦) op 2♠ moet een sterke vijfkaart+ zijn. Bied op 2♣ nooit een reële 2SA; dat werkt alleen maar autopreëmptief. Aan schema’s zoals controle-antwoorden zou ik niet beginnen.
    Beantwoorden
    • Rosalind
      30-01-2026 12:15
      Correctie: Een kleurbod (geen 2♦) op 2♣ ...
      Beantwoorden
  • Bas
    30-01-2026 18:02
    Het is jaren-zeventig-bridge om 2 klaver als semiforcing te spelen. Speel gewoon dat 2 klaver mancheforcing is, behalve na een direct 2SA rebid van de sterke hand. Het bieden wordt dan veel simpeler. Met jouw oosthand wil je toch nooit in 3 schoppen eindigen. Ik word niet nerveus om op 1-nivo te openen met 22 of 23 punten, vooral niet als ik geen lange hoge kleur heb. Met jouw spel is 2 klaver openen natuurlijk prima, want je hebt de manche bijna op hand en je kan je kaart zonder problemen uitbieden. En ja, soms kom je wel eens te hoog. Na 2 klaver eerst controles of azen aangeven wordt al heel lang gespeeld (zeker 50 jaar maar ik denk veel langer) maar het is nooit populair geweest.
    Beantwoorden
  • Bert van der Schans
    01-02-2026 13:49
    Speelplan maken hangt mede af van de speelsoort. In imp telling, vaste slagen tellen en kijken hoe de ontbrekende slagen er bij te krijgen, dan heeft een integraal plan vaak wel merites. In paren maak ik meestal een gefaseerd dynamisch plan en bijna nooit integraal. In het desbetreffende spel is duidelijk dat harten de 1e werkkleur is. Ik kreeg ook klaveren Boer uit. In 4tallen is de Vrouw leggen een optie; als die houdt geeft je gelijk een harten af en heb je 9 slagen ontwikkeld. Beter - vooral in paren - is de slag door te laten lopen naar de Aas; als de Heer toch goed zit blijft die goed zitten. Dan harten 10 voor (kleintje werkt niet bij kale Vrouw links, want de harten blokkeren dan). Vervolgens kijken wat er gebeurt. Het voordeel van alleen stap 1 van het speelplan bepalen is dat je al vrij snel de dummy een kaart kan laten bijspelen en de tp meestal ook snel bijspeelt. Zij hebben dan geen integraal speelplan kunnen maken. Een ander voordeel is dat je onderweg meer recht op denktijd hebt en dan weet je vaak al veel meer. Neemt niet weg dat je altijd aan het begin wel even 'op je kaarten gaat zitten' maar dus niet per se erg lang.
    Beantwoorden
    • Kees van der Weijden
      04-02-2026 18:08
      Het tweede deel van deze reactie roept bij mij als WL wel zorgen op. De indruk kan ontstaan dat in de eerste slag bewust snel wordt gespeeld om de tegenpartij vooral geen gelegenheid te geven tot nadenken. Dat vind ik een ongewenste ontwikkeling en valt voor mijn gevoel in dezelfde categorie als aarzelen met een singleton. Ook de tegenpartij heeft immers, net als de leider, recht op het maken van een (tegenspel)plan. Dat hoort bij het spel bridge. Daarnaast bestaat er in de reglementen geen onderscheid tussen “recht op meer of minder bedenktijd”; dat is geen formeel begrip. Ik zou het jammer vinden als we op clubniveau informele of gevoelsmatige regels gaan hanteren die daar op gebaseerd zijn.
      Beantwoorden
      • J.P.
        04-02-2026 19:58
        Ik snap wat Kees hier bedoelt. Ja, ik vind dat ik als 'derde man' inderdaad recht heb op het maken van een tegenspeelplan. Ook als dat in de eerste slag wat (meer) tijd kost En ja, ook als ik een singleton in de lead-kleur heb. En nee, als het me dan toch een minuut kost om de situatie te beoordelen nadat de leider (a tempo of niet, singleton in dummy of niet) de dummy een kaart heeft laten bijspelen, valt dit m.i. niet onder 'denken met een singleton'. (Ja, leider en partner hebben wel eens een 11-kaart fit samen in de uitkomstkleur) En ja, dit is ooit wel eens aan de orde geweest. De leider heeft het destijds in ieder geval geval niet aan de orde gesteld. Als die het al doorhad of dat het invloed zou hebben gehad, nog steeds correct, volgens mij. Enigszins omgekeerd: Ik heb overigens wel een (weliswaar beperkt ethisch) bezwaar als de derde man direct na het opengaan van de dummy bijspeelt zonder dat de leider al een kaart heeft genoemd. Niet zozeer specifiek bij een singleton, maar juist bij bijvoorbeeld een lange kaart-in-serie zoals 876543 ('want wat maakt dat nou weer uit?'). Dan zou de leider 'dus' ook a tempo zijn eigen singleton moeten bijspelen en daarmee gedwongen de verdediging wijzer kunnen/moeten maken dan waar ze (op dat moment) recht op hebben. Niet doen, dus, wacht bij de uitkomst gewoon altijd tot de leider een kaart heeft genoemd. Dan is hij toe aan het uitvoeren van zijn speelplan.
        Beantwoorden